» Oude Man op Het Eiland

Wat is dit?


Wim Kuijl

Ouwe Jan op Het Eiland

Hij is een van de bekendste inwoners van Arnhem. Brengt de dagen en de nachten door op een bankje in het hart van de binnenstad. Hij is buurtbewoner onder de buurtbewoners en als het erg koud is wordt hem zelfs warme kleding aangetrokken. We hebben het over "Ouwe Jan", een beeld in brons, op het Eiland. Hierna meer over het mannetje en zijn maker, Wim Kuijl (56).

Hoe is het begonnen?


`Na de middelbare school heb ik een tijd gewerkt, in de steenindustrie. Voor een bureau voor keramisch onderzoek. Toen ik 18 was besloot ik om mijn baan op te zeggen, voor mezelf te gaan werken. En mode te gaan maken. Ik ontwierp tassen en schoenen die ik ook verkocht, daarvan leefde ik. Dat heb ik twee jaar gedaan, tot mijn naaimachine kapot ging. Toen ben ik gaan schilderen. Op een gegeven ogenblik ging ik daarbij van het doek op de muur verder. Maar ik kon mij ei niet kwijt op een doekje, of een stuk muur. Ik wilde alle kanten op, ik wilde meer driedimensionaal en ben beelden gaan maken. Ik heb dat verder ontwikkeld door voor beeldhouwers aan het werk te aan. Dat deed ik onder andere voor Geert Peters. En voor Chris van de Berg, drie jaar hier in deze ruimte. Ik heb ook in verschillende bronsgieterijen gewerkt.

Van die kunstenaars waar jij bij werkte heb jij het vak geleerd. Je hebt niet op academie gezeten...


`Nee, dat wilde ik dus ook helemaal niet.'

Dat wilde je echt niet? Of werd je niet toegelaten?...


`O nee, dat is het niet. Maar het is niet mijn manier van werken. Ik functioneer niet in groepen, dat lukt helemaal niet.'

Wanneer ging je beroepsmatig aan het werk?


`Toen, bij Chris van de Berg, nu alweer 28 jaar geleden. Dat was het moment dat ik voor mezelf begonnen ben. Als betaald kunstenaar. Ik kwam in de BKR-regeling, dus dat ging goed, dat was fijn'.

Is je stijl in de loop van de jaren veranderd? Zo ja, hoe?


`Toen ik begon wilde ik eigenlijk alleen maar abstracte beelden maken. Nooit iets anders. Met figuratieve dingen ben ik nooit bezig geweest. Totdat me gevraagd werd door Eugène Terwindt om wat op het Eiland in Arnhem te gaan doen. Dat was mijn eerste figuratieve beeld. En ik kwam in zo'n ritme waarbij ik eigenlijk alleen maar figuratieve beelden ben blijven maken. Zo heb ik nog plannen voor een beeld van Wim Sonneveld. En een van Ramses Shaffy. Verder ben ik ooit door Frank de eigenaar van café De Schoof aangesproken. Hij zei: Wim kun je niet een keer een ontwerpje maken voor op de Korenmarkt. Dat heb ik nu gedaan, een hele oude baas, een broer van de Ouwe Jan op het Eiland. Die broer zat altijd te slapen in een kroeg achter een tafeltje. En ik ben nu ook met een paar mensen van de Jansplaats in gesprek. Die vroegen of ze het ontwerp ook eens mochten zien. Maar wat ik graag wil is weer abstracte dingen maken. Ik kan niet tegelijk abstract en figuratief werken. Dat kan Lotus (leerling en atelierdeler van Wim Kuijl, eb) wel. En verder... Misschien, als dat er ooit van komt, wat in Amerika doen. Maar dat is heel ver weg. Ik wil hier nog een paar grote dingen doen. Zoals een vlinderdas aan de Eiffeltoren hangen... Dat is een heel erg lang verhaal, ook een wens van dertig jaar oud, die waarschijnlijk nooit vervuld wordt. Maar als ik een paar van dit soort dingen gerealiseerd heb dan wil ik weer graag abstract gaan werken want dat mis ik wel.'

Kun je nog meer werken van jou noemen in de openbare ruimte?


`Ja. In Rheden natuurlijk, het beeld van Simon en Tine Carmiggelt. Er staat een beeld van me in Harderwijk, een groot beeld in Maastricht, in Maarssen. En in juli wordt het grote beeld van Albert Mol in brons gegoten. Over een paar weken heb ik het kleine beeldje klaar.'

Waarom een beeld van Albert Mol?


`Ik vind dat de man een heleboel lef heeft. Hij antwoordde in het programma van Koos Postema dertig jaar geleden al op de vraag: hoe het met hem was met: Ik heb een vriend en zit nou televisie te kijken... Dat was toen nogal wat, dertig jaar geleden. Ik dacht die heeft in ieder geval lef. Daarnaast deed hij een heleboel interessante dingen. En zo is het gekomen.'

Waar komt het beeld van Albert Mol te staan?


`Dat is iets wat ik helemaal aan hem overlaat want ik heb beloofd eerst het beeld in brons te gieten en daarna maar te zien hoe het verder gaat.

Over het beeld op het Eiland... Wat is de officiele naam?


`Jan, Ouwe Jan, dat is denk ik ook de officiële naam.'.

Kun je iets vertellen over het ontstaan ervan?


`Ik verhuisde van Arnhem naar Rheden en daar was een café dat heette "De Stofwolk". Ik kwam er een keertje binnen en ik zag er die oude baas, Jan van Lankwaarden, achter de teek zitten. Die straalde zoveel rust uit. Dat inspireerde mij. Ik dacht, zo'n karakter moet je kunnen pakken... Toen hem vroeg wilde hij in eerste instantie niet. Maar een vriend van mij heeft toen foto's van hem genomen. Met behulp daarvan maakte ik een klein beeldje. En toen hij dat zag wilde hij wel aan het grote beeld meewerken.'

Wanneer was dat?


`Dat speelde zich af rond 1977.'

Het beeldje heeft al een geschiedenis... Ook in het kader van de relatie met de gemeente Rheden... Een "ontvoering..."


`Tja. De gemeente Rheden kwam bij me toen het beeld al lang en breed in Arnhem stond en vroeg ik misschien nog een tweede beeld wilde maken. Daar heb ik nee op gezegd. Je bent wel straatarm natuurlijk en het geld kun je heel goed gebruiken, maar je moet dan toch nee zeggen. Het ene beeld staat er nou en ik ga geen tweede voor Rheden maken. Dat wil dan helemaal niet.'

Wat kun je verder nog wat over het beeld vertellen?


`Wat heel erg belangrijk is... Er zitten vaak jongelui op dat pleintje. Er is ooit een onderzoek geweest, ik weet niet door wie... Maar het blijkt dat de jongeren die rond het beeld hangen veel minder dingen, in de zin van ernstige delicten, uithalen dan mensen die elders rondhangen. Het beeld geeft toch rust, de rust die de man uitstraalt geef je ook door naar jongere mensen. Daar geloof ik in.'

Ik vond het wel aardig ook dat het beeld soms als het koud was aangekleed werd. Het leeft echt. Ben je er trots op?


`Nee.'

Waarom niet?


`Het hoort bij mij leven. Ik ben er bijvoorbeeld ook niet trots op dat hier op mijn hoofd, kijk die grote [cursief; spelling handhaven:] uitstekels, dat mijn haren alle kanten opstaan.'

Maar misschien kun je daar niets aan doen...


`Die kun je afknippen... Ach, het hoort er gewoon bij zo. Ik zie het niet als iets bijzonders.'

Hoe ziet jouw toekomst eruit?


`Ik ben van plan om samen met Lotus een paar beelden te gaan maken. Met haar een paar bronzen te gaan gieten. Dat heeft ook een beetje met haar werk te maken. Vanaf het moment dat we samenwerken is er toch een boel veranderd. Alles is gerégeld. En daarvoor was alles een beetje ontregeld.'

Ze brengt structuur in je werk aan. Ben je wat je werk betreft veranderd sinds zij hier is...


`Ja, toch wel, ja...'

In wat voor opzicht?


`Ik bijt wat harder door mijn moeilijkheden, door mijn problemen heen. Je werkt samen, dus dan moet ik haar er ook bij in trekken en zij moet mij er soms ook bij in trekken. En dat zeker als je aan het smelten bent.'

Wat vind jij van kunst in de openbare ruimte. Waar moet die aan voldoen?


`Dat laat ik helemaal aan de toeschouwer over. Dat is zo persoonsgebonden dat ik daar helemaal niets over kan zeggen. Er moeten geen gevaarlijke dingen aan zitten. Het moet veilig zijn. Dat is alles.'






[ terug... ]Omhoog


Maak vrienden

Kunst in Arnhem

  • Kunst in de Arnhemse openbare ruimte.

Tekst en foto's:

  • Eddy Brugman eddybrugman@gmail.com

Impuls

  • De interviews werden - soms in een andere vorm - rond 2001 gepubliceerd in de straatkrant IMPULS.

Site onder constructie

  • Deze site is onder constructie!

Copyright 2002-2018